om mee te beginnen
ja :sim
nee :não
hallo:ola
tot ziens :ate logo
tot morgen :ate amanhã
goedemorgen :bomdia
goedemiddag :boa tarde
goedenavond :boa noite
dank u wel (man):obrigado
dank u wel (vrouw):obrigada
niets te danken :de nada
alstublieft :faz favor
pardon :desculpe
goed :bom

kleuren
wit :branco
zwart :preto
grijs:cinzento
bruin :castanho
geel :amarelo
oranje :cor de laranja
rood :vermelho
roze :cor de rosae
paars:roxo
blauw:azul
groen :verde

dagen
maandag :segunda-feira
dinsdag :terca-feira
woensdag:quarta-feira
donderdag :quinta-feira
vrijdag :sexta-feira
zaterdage :sabado
zondag :domingo

maanden
januari :janeiro
februari:fevereiro
maart:marco
april :abril
mei :maio
juni :junho
juli :julho
augustus :agosto
september :setembro
oktober :outobro
november :novembre
december :dezembro

Portugees voor wandelaars

Als je op Madeira buiten de hoofdstad gaat lopen, is het wel handig als je een paar woordjes Portugees kent en verstaat als je de weg moet vragen. Dit is een bijna waterdichte manier om in het Portugees de weg te vragen en – heel belangrijk – het antwoord te begrijpen. Leer de vragen en alle mogelijke antwoorden uit het hoofd en stel nooit een open vraag. Stel de vraag zo dat je alvast een antwoord suggereert, waarop de ander dan alleen met ‘ja’(sim) of ‘nee’(não) kan antwoorden.
tellen
0 :zero14:catorze
1:um/umo15:quinze
2:dois/duas16:dezzaseis
3 :tres17:dezzasete
4 :quatro18:dezoito
5 :cinco19:dezanove
6 :seis20:vinte
7 :sete30:trinta
8 :oito40:quarenta
9 :nove50:cinquenta
10 :dez60:sessenta
11 :onze70:setenta
12 :doze80:oitenta
13 :treze90:noventa
100:cem

de vragen (met fonetische uitspraak erachter)                                                                         mogelijke antwoorden
pardon men. (mevr.):faz favor senhor, senhora (faaz faa-voor, seen-ioor, seen-iooraa)   hier:aqui (aa-kie)
waar is... naar...:onde e...para (on-dee è...paa-ra)   daar:ali (aa-lie)
de levada:a levada (a lee-vaa-daa)   rechtdoor:emfrente (eng-frengt)
de grote weg :a estrada (aa isj-traa-daa)   achter:atrás (aa-traas)
het voetpad :a vereda (aa vee-rai-daa)   rechtsaf:a direite (aa dee-rai-taa)
de weg :o caminho (00-kaa-mie-noo)   linksaf:a esquerda (aa isj-keer-daa)
de bushalte :a paragem (aa paa-raa-jeng)   boven:em-cima (eng sie-maa)
vriendelijk bedankt :muito obrigado (mwien-too oo-brie-gaa-doo)   beneden:em-baixo (eng baj-joo)

Dus bijvoorbeeld als je wilt vragen waar het pad naar Funchal is, hier rechtdoor?
“Faz favor senhora, onde a vereda para Funchal: aqui eng frengt?”
Degene die de vraag krijgt kan hier alleen met ‘ja’ of ‘nee’ op antwoorden.
Geografische termen (met fonetische uitspraak erachter)
achada (aa-chaa--daa):klein plateau jardim (jaar-dieng):tuin
água ((á-gwaa):water lamaceiros (laa-maa-sée-ros):moerrasige plek
arco (aar-koo):boog of gebogen bergkam lapa (láa-paa):grot
baia (baa-ie-jaa) :balon, uitzichtpunt levada (lee-váa-daa):waterloop
bica (bie-kaa) :kleine bron lombada (loom-báa-daa):uitgestrekte bergkam
boca (bó-kaa) :bergpas lombo (lóo-moo):bergrug die twee ravijnen scheidt
brava (bráa-vaa) :wild miradouro (mie-raa-dóo-roo):uitkijkpunt
cabo (káa-boo) :kaap monte (móon-tee):berg
caldeirão (kaal-dee-rúng) :krater nogueira (noo-gée-ras):noteboom
calheta (kaal-jée-ta) :kreek palheiro (paal-jée-roo):huisje met strodak
câmera (káa-mee-raa) :kamer paúl (paa-óel):moerasland
campo (kaam-poo) :vlakte oenha (péén-jas):rots of klif
caniço (kaa-nie-soo) :riet pico (pie-koo):top
choupana ( sjoo-páa-naa) :huisje poio (pói-oo):terras
corticeiras (koor-tie-sée-raas) :kleine kurkbomen ponta (póon-ta):punt
cova (kóo-vaa) :put, hol portela (poor-tée-laa):poortje
cruz (krúsch) :kruis porto (póor-too):haven
cruzinhas (kroe-zien-jaas):kruising quebrada (kée-braa-daa):steile helling
curral (ku-ráal) :kraal queimada (kee-máa-daa):verbrand
eira (ai-raa) :dorsvloer rabaça (raa-báa-zaa):wilde selderij
encumeada (ing-koe-mie-jáa-daa) :bergtop met uitzicht recta (ree-taa):recht stuk weg
estanquinhos (esj-taan-kíen-joos) :kleine vijvers ribeira (rie-bée-raa):rivier
estreito (isj-trée-too) :engte risco (riesj-koo):gevaar
faial (fau-áal) :beukenbosje rocha (róo-sjaa):rots, rotspunt
fajã (faa-jáa) :aardverschuiving seixal (sée-sjal):met grind bedekte plaats
folhadel (fool-jaa-dáal) :groep lelietjes-van-dalenbomen serra (sée-raa):bergketen
fonte (fóon-te) :bron sítío (sie-tie-oo):plaats
janela (ja-nee-laa) :venster torre (tóó-ree):toren